In dit eerste nummer voor het nieuwe seizoen richten we de spots op de situatie van de hedendaagse beeldende kunst in Antwerpen. In de volgende jaargang gaan we, telkens als de goede gelegenheid zich voordoet, dat geregeld ook met andere kunststeden doen: Gent, Brussel, Rotterdam, Amsterdam en wie weet hoe ver we nog gaan geraken.
Dat Antwerpen eerst aan bod komt is niet toevallig: in deze stad begon nu bijna vijf jaar geleden ook het avontuur van <H>ART. In kunstmiddens heerste toen het gevoel van een ‘momentum', er hing een sfeertje in de lucht dat de Scheldestad op het punt stond om internationaal mee te gaan tellen als hedendaagse kunststad, in het spoor van de succesvolle modescène. Het M HKA kreeg een nieuwe directeur, Extra City opende de deuren, de galeries op het Zuid maakten furore, het Middelheimmuseum fleurde op enzovoorts. Nu vijf jaar later blijft daar niet veel meer van over. Onrust en onvrede hebben de bovenhand gehaald. Op pagina 4 en 5 laten we daarover enkele belangrijke spelers aan het woord. Het kernprobleem lijkt: kunstmarkt versus discours. Ofte, ruwweg: de wereld van de galeries en verzamelaars versus de overheidsinstellingen en curatoren. Eerstgenoemden vinden dat M HKA, Extra City en soortgelijke ‘toonplekken' een té theoretiserend en intellectueel beleid voeren en te weinig laten zién, laatstgenoemden vinden dat ze zich niet moeten lenen tot het ‘in de markt zetten' van kunstenaars en dat ze ook een sociaal-culturele rol moeten spelen.
We zouden een ‘pastoraal' advies kunnen verlenen en zeggen: vergeeft elkander en houd de vuile was binnen. Maar dat is natuurlijk geen oplossing. Het kan helpen om (opnieuw) met elkaar te praten, maar vooral: er is nood aan een coördinerend en overkoepelend beleid. Net daar ligt het kalf gebonden: zowel de stad Antwerpen als de Vlaamse overheid zijn vandaag niet echt geïnteresseerd in een doorgedreven hedendaags kunstenbeleid, onder meer vanuit de overigens volkomen foute perceptie dat daar slechts een beperkt publiek geïnteresseerd is. En de komende besparingswoede helpt daar ook al niet veel aan.
Toch zijn er lichtpunten: de Internationale Kunstcampus deSingel, die op 1 oktober opent (zie pagina 3) lijkt het resultaat van jarenlang goed overleg tussen diverse instanties. En het Museum aan de Stroom of MAS staat er toch ook al als fraai gebouw. Nu nog de invulling. Voor alle duidelijkheid: het staat nu al in de sterren geschreven dat we voor andere kunststeden tot gelijkaardige besluiten gaan komen. Ondertussen is er de kunst en zijn er de kunstenaars zelf: het nieuwe aanbod in Antwerpse en Brusselse galeries (zie vanaf pagina 10) oog veelbelovend en ook het herfstaanbod in onze instellingen (Francis Alÿs, Craigie Horsfield, Thomas Hirschhorn...) ziet er sterk uit.
De kunstenaarspagina (pagina 24) is dit keer van de hand van HISK-laureaten Anne Schiffer & Lauren von Gogh. Het werk ‘Rossebändiger' is een ‘re-enacment' van de sculptuur ‘The Horse Tamers' op de Anichkov Brug in Sint Petersburg. Het beeld is van de hand van Peter Clodt von Jürgensburg en dateert van 1851. ‘Rossebändiger' is een van de twaalf ‘re-enacment'-foto's uit de reeks ‘Enigmatic Voyage', die de kunstenaars tijdens hun reis naar Oost-Europa maakten. Het is de tweede samenwerking tussen Anne Schiffer en Lauren von Gogh. De foto werd genomen op 28 juli 2010.
Marc RUYTERS